Inkomstenbelasting
Fiscaal partnerschap: aftrekposten verdelen in 2025
Met een fiscaal partner mag je een aantal gezamenlijke posten vrij verdelen. Het verschil is vaak klein, omdat aftrekposten in de hoogste schijf hoogstens 37,48% opleveren. Het kan oplopen tot honderden euro's als één van jullie de AOW-leeftijd heeft. Deze gids legt uit wat je mag verdelen en wat het oplevert.
Deze gids gaat over belastingjaar 2025 (de aangifte die je in 2026 doet). In 2026 is het hoogste aftrektarief 37,56%.
In deze gids
Wie is fiscaal partner?
Je bent fiscaal partner van:
- Je echtgenoot, of je geregistreerd partner
- Een samenwoner met wie je op hetzelfde adres staat ingeschreven, als jullie ook aan één van deze voorwaarden voldoen:
- jullie hebben een notarieel samenlevingscontract
- jullie hebben samen een kind, of één van jullie heeft het kind van de ander erkend
- jullie zijn bij een pensioenfonds aangemeld als elkaars pensioenpartner
- jullie zijn samen eigenaar van de woning waarin jullie allebei wonen
- op hetzelfde adres staat een minderjarig kind van één van jullie ingeschreven
- jullie waren het jaar ervoor ook al fiscaal partner
Alleen samenwonen is niet genoeg. Een samenlevingscontract dat niet bij de notaris is gemaakt, telt ook niet.
Wat mag je vrij verdelen?
Deze posten mag je in elke verhouding verdelen (van 0% tot 100% bij elk van jullie):
- Eigen woning: het eigenwoningforfait en de hypotheekrente, samen als één post
- Persoonsgebonden aftrek: specifieke zorgkosten, giften en betaalde partneralimentatie
- Box 3: de grondslag boven jullie gezamenlijke heffingsvrij vermogen
- Box 2: inkomen uit een aanmerkelijk belang
Wat kun je niet verschuiven?
- Loon en winst: die tellen bij wie ze verdient
- Lijfrentepremie: alleen aftrekbaar bij wie de lijfrente heeft
- Reisaftrek voor het openbaar vervoer: hoort bij wie reist
- Zelfstandigenaftrek, mkb-winstvrijstelling en investeringsaftrek: per ondernemer
- AOW en pensioen: horen bij wie ze ontvangt
Wat levert verdelen op?
Eigen woning en persoonsgebonden aftrek
Een aftrekpost levert belastingvoordeel op tegen het tarief waarin hij valt. In 2025 zijn de tarieven 35,82% (tot € 38.441), 37,48% (tot € 76.817) en 49,50% daarboven. Maar de aftrek voor je eigen woning en de persoonsgebonden aftrek leveren in de hoogste schijf hoogstens 37,48% op.
Voorbeeld: hypotheekrente € 7.200 en eigenwoningforfait € 2.187,50, dus een netto aftrek van € 5.012,50.
- Alles bij partner A (€ 80.000 inkomen, hoogste schijf): € 5.012,50 × 37,48% = € 1.878,69
- Alles bij partner B (€ 30.000 inkomen, eerste schijf): € 5.012,50 × 35,82% = € 1.795,48
- Verschil: € 83 per jaar
Verdient B ook meer dan € 38.441, dan is het verschil nul. Zet de post dus bij de partner met het hoogste aftrektarief; dat is nooit meer dan 37,48%.
Box 3
Jullie krijgen samen € 115.368 heffingsvrij (2025), ook als het vermogen op naam van één van jullie staat. Het deel daarboven mag je vrij verdelen. Omdat het tarief in box 3 voor iedereen 36% is, maakt die verdeling voor de box 3-belasting zelf niets uit. Wil je weten of het ergens anders verschil maakt, zoals bij toeslagen, reken dan beide verdelingen na.
IACK bij een kind jonger dan 12
De inkomensafhankelijke combinatiekorting (IACK) is in 2025 hoogstens € 2.986. Je krijgt hem als partner met het laagste arbeidsinkomen, als je een kind jonger dan 12 hebt en je arbeidsinkomen hoger is dan € 6.145.
De korting is 11,45% × (arbeidsinkomen − € 6.145), hoogstens € 2.986. Bij een arbeidsinkomen van € 25.000: 11,45% × € 18.855 = € 2.159.
Algemene heffingskorting bij weinig inkomen
De algemene heffingskorting is in 2025 hoogstens € 3.068. Heeft de minstverdienende partner te weinig inkomen om de korting te gebruiken, dan kan de Belastingdienst die (deels) aan hem of haar zelf uitbetalen, maar alleen als die partner vóór 1963 is geboren. De korting gaat nooit naar de andere partner.
Rekenvoorbeeld: Mark en Lisa
Mark heeft € 116.000 winst (hoogste schijf), Lisa € 29.750 (eerste schijf). Ze hebben samen:
- Hypotheekrente € 7.200 en eigenwoningforfait € 2.187,50 (netto aftrek € 5.012,50)
- Box 3-vermogen van € 320.000
- Elk een eigen lijfrente (niet te verdelen)
| Verdeling eigen woning | Voordeel |
|---|---|
| Alles bij Lisa (35,82%) | € 1.795,48 |
| 50/50 | € 1.837,08 |
| Alles bij Mark (37,48%) | € 1.878,69 |
Het verschil tussen de gunstigste en de minst gunstige verdeling is € 83 per jaar. Voor box 3 maakt de verdeling niets uit.
Als één van jullie AOW heeft
Wie de AOW-leeftijd heeft, betaalt in de eerste schijf geen AOW-premie meer:
- Zonder AOW, eerste schijf: 35,82% (belasting plus premies volksverzekeringen)
- Met AOW, eerste schijf: 17,92% (geboren vanaf 1946, tot € 38.441)
Hier maakt de verdeling wel veel uit. Zet je de netto aftrek van € 5.012,50 bij een AOW-er in de eerste schijf, dan levert die € 898 op (17,92%). Bij een partner die in de tweede schijf zit, is dat € 1.879 (37,48%): bijna € 1.000 meer.
Bereikt iemand in de loop van het jaar de AOW-leeftijd, dan betaalt hij voor de maanden daarvoor nog AOW-premie. Het tarief in de eerste schijf ligt dat jaar dus tussen 17,92% en 35,82%.
Hoe belastingaangifte.ai jullie aangifte voorbereidt
Upload de documenten van jullie allebei. De A.I.:
- Houdt de documenten per partner apart
- Telt de gemeenschappelijke posten bij elkaar
- Rekent uit bij wie de verdeelbare posten het meeste opleveren
- Past het heffingsvrij vermogen van jullie allebei toe in box 3
- Houdt rekening met het jaar waarin iemand de AOW-leeftijd bereikt
- Rekent de combinatiekorting voor werkende ouders (IACK) uit voor de partner met het laagste arbeidsinkomen
- Maakt per persoon een berekening van box 1 en een samenvatting
Veelgestelde vragen
Je echtgenoot of geregistreerd partner. Woon je ongehuwd samen en sta je op hetzelfde adres ingeschreven, dan ben je fiscaal partner als je ook aan één van deze voorwaarden voldoet: een notarieel samenlevingscontract, samen een kind (of één van jullie heeft het kind van de ander erkend), aangemeld als partner bij een pensioenfonds, samen eigenaar van de woning waarin jullie wonen, een minderjarig kind van één van jullie op hetzelfde adres, of het jaar ervoor ook al fiscaal partner.
Ja. In je aangifte inkomstenbelasting geef je aan of je een fiscaal partner had en wie dat is. De Belastingdienst controleert dat met de gegevens van de gemeente.
De gemeenschappelijke posten: de inkomsten en aftrek van jullie eigen woning, het inkomen uit een aanmerkelijk belang (box 2), de grondslag in box 3 en de persoonsgebonden aftrek, zoals specifieke zorgkosten, giften en betaalde partneralimentatie. Niet verdelen kun je onder meer je eigen loon, je winst, je lijfrentepremie en je reisaftrek.
De aftrek levert het meeste op bij de partner met het hoogste tarief, maar in 2025 is dat hoogstens 37,48%. Zitten jullie allebei in de tweede of de hoogste schijf, dan maakt het niets uit. Zit één van jullie in de eerste schijf (35,82%), dan scheelt het 1,66% van de netto aftrek. Bij een netto aftrek van € 5.012,50 is dat € 83.
De inkomensafhankelijke combinatiekorting (IACK) is in 2025 hoogstens € 2.986. Je krijgt hem als je een kind jonger dan 12 hebt, en als je de partner met het laagste arbeidsinkomen bent (of geen partner hebt). Je arbeidsinkomen moet hoger zijn dan € 6.145.
Jullie krijgen samen € 115.368 heffingsvrij (2025). Het deel daarboven mag je vrij verdelen. Omdat het tarief in box 3 voor iedereen 36% is, maakt die verdeling voor de box 3-belasting niets uit.
Bij een huwelijk of geregistreerd partnerschap geldt het vanaf de dag van het huwelijk of de registratie. Ben je ongehuwd samenwonend en voldoe je in de loop van het jaar aan een voorwaarde, dan ben je voor dat jaar fiscaal partner vanaf de dag dat je samen op hetzelfde adres stond ingeschreven. Je blijft partners tot je niet meer samen ingeschreven staat.
Ja. Wie de AOW-leeftijd heeft, betaalt in de eerste schijf geen AOW-premie meer: het tarief is dan 17,92% in plaats van 35,82% (2025). Zet je een aftrekpost bij de AOW-er in de eerste schijf, dan levert die minder op.
Bronnen en controle
De bedragen en regels in deze gids zijn op nagekeken aan de hand van deze bronnen:
- Belastingdienst: Fiscale informatie 2025, fiscaal partnerschap
- Belastingdienst: tariefsaanpassing aftrekposten als u een hoog inkomen hebt
- Belastingdienst: heffingskortingen laten uitbetalen bij weinig of geen inkomen
- Wet inkomstenbelasting 2001 (tekst geldig in 2025), wetten.overheid.nl
Dit is algemene uitleg, geen persoonlijk advies. De voorbeelden zijn vereenvoudigd. Regels en bedragen veranderen elk jaar; reken je eigen situatie na of laat dat doen.
Bekijk ook
- InkomstenbelastingBox 3 vermogenHeffingsvrij € 57.684, fictief rendement 1,37% sparen en 5,88% beleggen, tarief 36%. Schulden, studieschuld en werkelijk rendement.Lees de gids
- SchenkbelastingSchenken aan je kind€ 6.713 per jaar, eenmalig € 32.195 vrij te besteden of € 67.064 voor een dure studie. Tarieven 10% en 20%, 180-dagenregel en aangifte.Lees de gids
- Loonheffingen30%-regelingBelastingvrije vergoeding voor expats: tot 30% van het loon (vanaf 2027: 27%), hoogstens over € 246.000, 5 jaar lang. Met de voorwaarden en hoe je hem aanvraagt.Lees de gids
Klaar om je aangifte te doen?
Upload je documenten en laat de A.I. meerekenen. Jij controleert elk bedrag voordat je indient.
Je eerste btw-aangifte is gratis (t.w.v. € 18) als je je vóór 1 februari 2027 aanmeldt. Daarna betaal je pas bij het doorrekenen. Geen abonnement.